international marxist tendency nederland

In Myanmar is een revolutie aan de gang. De massa’s tonen enorme moed tegenover het brutale geweld van de militaire junta. Arbeiders en jongeren bereiden zich voor om zichzelf te verdedigen en werken samen met de organisaties van onderdrukte etnische groepen.

Lees het originele artikel hier

De wreedheid van de militaire junta in Myanmar spreekt voor zich. Zaterdag 27 maart zijn bij protesten meer dan 100 mensen omgekomen, waaronder een aantal kinderen, zelfs een vijfjarige. Dit was de bloedigste dag sinds de staatsgreep van 1 februari, waarmee het totale aantal doden op meer dan 400 kwam te staan. Sindsdien is het aantal nog gestegen tot boven de 500. Op video's en foto's is te zien dat veiligheidstroepen lukraak op ongewapende burgers schieten, waarbij ze mensen in het hoofd en in de rug raken en dan ronddansen alsof het een feest was.

Ondanks deze volslagen barbarij, toont de bevolking van Myanmar, de arbeiders en de jongeren een enorme moed en vastberadenheid en blijven ze, golf na golf, op straat protesteren. Hierbij zetten ze dagelijks hun leven op het spel.

"Ze doden ons als vogels of kippen, zelfs in onze huizen," zei Thu Ya Zaw tegen Reuters tijdens een protest in de centrale stad Myingyan, waar minstens twee mensen werden gedood. "We zullen hoe dan ook blijven protesteren. We moeten vechten tot de junta valt."

De generaals toonden hun pure arrogantie en gebrek aan enige bezorgdheid voor de bevolking van Myanmar toen ze op dezelfde dag als het bloedbad een uitbundig feest hielden om hun 'Dag van de strijdkrachten' te vieren. Ze droegen hun beste kleren, aten rijkelijk en dronken champagne, terwijl gewone werkende mensen op straat werden neergeschoten. De ongevoeligheid van diezelfde generaals was de volgende dag zichtbaar, toen veiligheidstroepen rouwende mensen aanvielen op de begrafenis van demonstranten die de afgelopen dagen waren omgekomen.

Momenteel zijn de gewapende etnische groepen het enige militaire alternatief voor het leger en de politie van Myanmar. In feite hebben ze in de gebieden waar ze sterk zijn, hun gewapende eenheden gebruikt om de lokale bevolking bij protesten te verdedigen. Op 14 februari sprak de KNU zich officieel uit ter ondersteuning van de protestbeweging. Ze Voegden er aan toe dat ze alle demonstranten zouden beschermen, ongeacht tot welke etnische groep ze behoren. Sindsdien hebben hun verdedigingseenheden de demonstranten op straat vergezeld.

We zien hoe de gewapende etnische organisaties op deze manier een heel andere rol op zich nemen, aangezien de jongeren in de grote steden - voornamelijk behorend tot de Bamar-meerderheid (68 procent van de bevolking) - de conclusie zijn gaan trekken dat vreedzaam protest nergens toe leid en een georganiseerde gewapende reactie nodig is om de militaire junta omver te werpen. Sommigen van hen zoeken hulp en militaire training en wenden zich tot de gewapende etnische groepen.

The Guardian schreef op 20 maart 2021 in het artikel Myanmar’s besieged resistance dreams of ‘people's army’ to counter junta, hoe de jeugd revolutionaire conclusies trekt. Het citeert een jonge demonstrant die uitlegt hoe jonge mensen op YouTube leren hoe ze wapens moeten gebruiken, en citeert hem als volgt:

"Yangon ziet eruit als een oorlogsgebied, behalve dat slechts één kant wapens heeft. Daarom hebben we een leger nodig. We zullen tegelijkertijd moeten trainen en vechten; we hebben geen tijd meer."

Een jonge vrouw die in hetzelfde artikel wordt aangehaald, zegt:

"Ik zou de CRPH [commissie die de Pyidaungsu Hluttaw vertegenwoordigt, een orgaan dat beweert de legitieme vertegenwoordiger te zijn van de afgezette gekozen regering] steunen als het besluit een leger te vormen. Ik zou mijn man en broer dwingen om mee te doen, maar ik moet voor mijn kind zorgen."

Op 24 maart 2021 verscheen een interessant verslag in de New York Times (‘I Will Die Protecting My Country’: In Myanmar, a New Resistance Rises) dat ons een idee geeft van wat er gebeurt:

"In een jungle in het grensgebied van Myanmar kregen de troepen basistraining. Ze leerden hoe ze een geweer moeten laden, de pin uit een handgranaat moeten trekken en een hoe een vuurbom te maken."

"Deze cadetten zijn geen leden van het Myanmarese leger dat vorige maand de macht greep en de bevolking van het land een gewelddadige strijd oplegde. Het is een eclectisch korps van studenten, activisten en gewone kantoormedewerkers die geloven dat terugvechten de enige manier is om een ​​van de meest meedogenloze strijdkrachten ter wereld te verslaan."

"Ik zie het leger als wilde dieren die niet kunnen denken en wreed zijn met hun wapens,"

zei een vrouw uit Yangon, de grootste stad van Myanmar, die een week op bootcamp zat in het bos. Net zoals anderen die zich bij de gewapende strijd hebben aangesloten, wilde ze niet dat haar naam werd gepubliceerd uit angst dat de Tatmadaw, zoals het leger van Myanmar wordt genoemd, haar zou aanvallen.

"We moeten ze terug aanvallen," zei ze. "Dit klinkt agressief, maar ik denk dat we ons moeten verdedigen."

"Na weken van vreedzame protesten, mobiliseert de frontlinie van het verzet van Myanmar tegen de staatsgreep van 1 februari zich tot een soort guerrillamacht. In de steden hebben demonstranten barricades gebouwd om buurten te beschermen tegen militaire invallen en leerden ze op internet rookbommen te maken. In de bossen trainen ze in elementaire oorlogstechnieken en maken ze plannen om militair-gerelateerde faciliteiten te saboteren."

Dit is een revolutie!

Wat we hier zien gebeuren, is een revolutie. Er is geen andere manier om het te beschrijven. De conclusie van de jongeren en arbeiders - of in ieder geval de meest geavanceerde lagen onder hen - dat een gewapende reactie op het regime vereist is, is absoluut correct. Elke revolutionair die zijn zout waard is, zou hen tot het uiterste steunen. Dit is niet het moment om over deze vraag te aarzelen. Met dit regime is er geen ruimte voor compromissen. Het is een of-ofkwestie: of de massa’s nemen beslissende maatregelen en doen er alles aan om dit regime omver te werpen, of ze zullen te maken krijgen met bloedige gevolgen en een verschrikkelijke nederlaag.

De druk van onderaf groeit. En dat verklaart wat in datzelfde artikel wordt benadrukt, namelijk het feit dat nu dezelfde burgerlijke liberalen, die tot dusver de massa weerloos lieten, zijn begonnen op te roepen tot de oprichting van een 'federaal leger', dat de verschillende etnische gewapende organisaties zou omvatten:

“Er is een groeiende besef dat dergelijke pogingen (d.w.z. vreedzaam protest) misschien niet voldoende is, dat de Tatmadaw (het leger van Myanmar) op zijn eigen terrein moet worden bestreden. Vorige week zeiden overblijfselen van het afgezette parlement, die zichzelf als de legitieme regering beschouwen, dat er een ‘revolutie’ nodig was om het land te redden. Ze liepen op tot de vorming van een federaal leger dat verschillende etnische groepen respecteert, niet enkel de Bamar meerderheid."

Op 14 maart publiceerde de CRPH een verklaring waarin ze de mensen uitlegden dat ze volgens de wet het recht hebben om zich tegen geweld te verdedigen en voegde eraan toe dat:

"Het Comité erkent en feliciteert alle etnisch gewapende revolutionaire organisaties die zich samen inspannen (in de mentaliteit van broeders en zusters) en sterk inzetten voor het opbouwen van een federale democratische unie."

De CRPH heeft ook verklaard dat ze zich nu als doel stelt een ​​"federale democratische unie" op te richten.

Het is echter ironisch dat deze burgerlijke liberalen zich tot de gewapende etnische groepen wenden om hen te helpen in de strijd tegen de militaire junta. We mogen niet vergeten dat terwijl de etnische minderheden werden gebombardeerd, verkracht en vermoord en hele dorpen werden platgebrand, duizenden mensen Myanmar ontvluchtten en een campagne van "etnische zuivering" in Rakhine 700.000 mensen van de etnische Rohingya-minderheid naar Bangladesh dreef; de burgerlijke liberalen van de NLD en Aung San Suu Kyi (ook wel ASSK genoemd) het leger steunden en hun acties rechtvaardigden.

Daarom zijn deze dames en heren van de NLD niet te vertrouwen. Ze beloofden in het verleden een akkoord met de verschillende etnische minderheden, maar toen ze eenmaal in functie waren, verraden ze hen en kozen ze de kant van het leger. Waarom zouden ze deze keer vertrouwd moeten worden?

In 2018 publiceerde het tijdschrift Time een artikel, ter gelegenheid van de 30e verjaardag van de opstand van 1988, waarin het erop wees dat:

"Zelfs onder het bewind van Suu Kyi heeft Myanmar volgens de AAPP [Assistance Association of Political Prisoners - Burma] nog steeds 245 politieke gevangenen achter de tralies, 48 ​​van hen in voorarrest. De NLD - veel van haar leden zijn zelf voormalige gevangenen - heeft de wetten van de junta om de vrijheid van meningsuiting en vergadering te reguleren behouden, en internationale verontwaardiging opgewekt omdat ze de militaire campagne tegen de Rohingya niet heeft veroordeeld.

"De NLD is geen regering die de mensenrechten en het soort vrijheden waarvoor mensen op straat protesteerden respecteert” zegt Mark Farmaner, directeur van Burma Campaign U.K., een in Londen gevestigde NGO voor mensenrechten. "De door de NLD geleide regering heeft absoluut geen belang bij het rechtzetten van misstanden uit het verleden."

De arbeiders en jongeren, de boeren en de etnische minderheden mogen daarom geen vertrouwen stellen in de burgerlijke liberalen. Vandaag doen ze alsof ze je vrienden zijn, maar morgen zullen ze je verraden. Ze komen niet op voor de belangen van de werkende massa’s van Myanmar. Hun rol is om de eigendommen van de rijken boven alle andere zaken te beschermen. Dat is de reden waarom ze een compromis hebben gesloten met het leger.

Geen compromis tussen de klassen: voor de gewapende opstand van de arbeiders

De werkende bevolking van Myanmar kan alleen op eigen krachten rekenen. Er is een enorm revolutionair potentieel onder de moedige Myanmar-massa's, zoals elke dag op straat te zien is. Er zijn krachtige stakingen geweest, waaronder algemene stakingen. Er zijn zelfs enkele gevallen geweest waarbij politieagenten deserteerden en naar India vluchtten in plaats van hun eigen mensen neer te schieten. Maar om het revolutionaire potentieel te laten uitgroeien tot een succesvolle revolutionaire machtsovername door de massa’s is er een revolutionaire massale arbeiderspartij nodig die in staat is om alle krachten samen te brengen die dit regime met succes omver kunnen werpen. Zo'n partij zou in de huidige omstandigheden een oproep doen tot revolutionaire actie, inclusief gewapende actie.

Nadat meer dan 500 demonstranten zijn vermoord door het leger van Myanmar, onder wie jonge kinderen, is er geen enkele ruimte voor een compromis met het leger. Een gewapende reactie op de terreur van het leger is nu noodzakelijk. De vraag is: wat voor soort gewapende reactie?

Lenin gaf goed advies aan de arbeiders en jongeren van Rusland in 1905 nadat de keizerlijke garde van de tsaar op ongewapende arbeiders had geschoten. Daarbij werden meer dan 1.000 mensen gedood en ongeveer 2.000 gewond. Deze zondag 22 januari in 1905 werd bekend als bloedige zondag in Sint-Petersburg. De stemming die dag was er een van vreedzaam protest en van een verzoekschrift aan de tsaar. Na het bloedbad veranderde die stemming van de ene op de andere dag; de arbeiders wilden wapens om terug te vechten. Hun verontwaardiging was onbeschrijfelijk.

Lenin speelde niet met woorden. Hij sprak niet van "vreedzaam protest". Nee, de tijd voor vreedzaam protest was voorbij en dit is wat hij schreef:

"Ze moeten zichzelf zo goed mogelijk bewapenen (geweren, revolvers, bommen, messen, boksbeugels, stokken, lompen gedrenkt in kerosine om branden aan te steken, touwen of touwladders, schoppen voor het bouwen van barricades, artilleriepatronen, prikkeldraad, spijkers (tegen cavalerie), enz., enz.). Ze mogen in geen geval wachten op hulp van andere bronnen, van bovenaf, van buitenaf; ze moeten voor alles zelf zorgen."

Lenin schreef dit in zijn artikel uit 1905, “Tasks of Revolutionary Army Contingents”, en ik zou elke denkende jongere in Myanmar vandaag aanraden om de hele tekst te lezen.

We mogen echter ook niet vergeten dat de meest revolutionaire lagen van de Myanmarese jeugd in het verleden soortgelijke conclusies trokken. Na de brute militaire onderdrukking van de beweging van 1988 verlieten veel studenten de steden en trokken ze de jungle van de grensregio's of van het naburige Thailand in om training te krijgen van etnische gewapende groepen. Het All-Birma Democratic Students Front nam de wapens op en organiseerde een decennialange gewapende strijd, maar ze faalden in hun pogingen om het militaire regime omver te werpen. Maar ze werden verraden en verpletterd, onder zeer moeilijke omstandigheden, door ziekte, voorraadtekorten en schaarse wapens.

Het idee om in de huidige omstandigheden een alternatief federaal leger op te richten, is daarom een ​​stap voorwaarts. Het zou alle onderdrukte lagen van de Myanmarese samenleving, die de overgrote meerderheid van de bevolking vormen, moeten omvatten. De etnische minderheden worden al decennia lang onderdrukt en sommigen van hen zijn verwikkeld in een guerrillaoorlog tegen de centrale autoriteiten. Hun eisen voor meer autonomie moeten worden erkend door de protestbeweging en het recht op zelfbeschikking moet door de Bamar-arbeiders worden aangewend als een manier om het jarenlange wantrouwen, dat bewust door het leger is gepromoot, te overwinnen.

De boeren op het platteland zijn verwikkeld in voortdurende strijd tegen landroof, zowel door het leger als door multinationale ondernemingen. De boeren hebben alle reden om zich bij zo'n leger aan te sluiten en ze kunnen een belangrijke rol spelen bij het steunen van de beweging in de steden. Dit betekent het erkennen van het recht van de boeren om controle te hebben over hun eigen land.

We moeten ons echter afvragen wat de algemene doelstellingen van zo'n federaal leger zouden moeten zijn. Kan het zich beperken tot het simpelweg verwijderen van het leger en het weer in functie stellen van de NLD en ASSK? Als dat het geval is, kan de beweging enkel verwachten opnieuw te worden verraden door de burgerlijke liberalen. Deze mensen zitten gevangen tussen de enorme golf van woede onder de massa's die een brandend verlangen hebben om het leger te verwijderen enerzijds en de druk van de rijke klasse van kapitalisten anderzijds, zowel buitenlandse als binnenlandse, die de continuïteit van hun systeem gegarandeerd willen zien.

Het punt is dat je geen twee meesters kunt dienen. De belangen van de arbeiders en boeren zijn niet dezelfde als die van de fabriekseigenaren. Elk klassencompromis zal er in deze situatie toe leiden dat degenen aan de onderkant verliezen. Ja, ze zullen er misschien in slagen de generaals tijdelijk van de macht te verdrijven, maar zullen ze overgaan tot onteigening van de legerofficieren? Laten we niet vergeten dat de kaste van militaire officieren ook een belangrijk onderdeel is van de kapitalistische klasse in Myanmar. Zullen ze alle officieren terechtstellen en het legerapparaat zoals het nu bestaat volledig vernietigen? Toen ze voor het laatst in functie waren, deden ze dat niet. Nee, alles wat je van deze mensen kunt verwachten, is opnieuw verraad.

Er is een onafhankelijke organisatie van de arbeidersklasse nodig in Myanmar. De arbeiders hebben al vakbonden, maar helaas worden deze meestal geleid door bureaucraten die met handen en voeten gebonden zijn aan de NLD, d.w.z. aan de politieke uitdrukking van de kapitalistische klasse: de fabriekseigenaren die de arbeiders dagelijks onderdrukken. Sommige vakbondsleiders, zoals in de textielarbeidersvakbond, bleken militanter te zijn, maar het grootste deel van de vakbondsleiders kwam pas in beweging toen de gewone arbeiders druk op hen begonnen uit te oefenen.

Deze zogenaamde "leiders" hebben oproepen gedaan aan de Verenigde Naties en zelfs aan de Verenigde Staten, waarbij ze illusies zaaiden dat de "westerse democratieën" de situatie zouden redden. In ons vorige artikel over Myanmar hebben we uitgelegd dat:

"Afgezien van een paar woorden van veroordeling en enkele sancties die zijn opgelegd aan een paar individuen aan de top van het militaire regime, de Verenigde Staten geen troepen naar Myanmar zullen sturen."

De mensen hebben de bittere les, de waarheid van deze woorden, moeten ondervinden.

Uitgebreide algemene staking

Een algemene strijd met de methoden van de arbeidersklasse is nu noodzakelijk om de militaire junta neer te halen. Dat betekent dat er een totale algemene staking moet worden georganiseerd. Er zijn verschillende algemene stakingen geweest die de enorme steun voor een dergelijke actie onder de massa arbeiders in Myanmar hebben aangetoond, maar in een situatie als deze zijn gedeeltelijke algemene stakingen van één of twee dagen niet voldoende. Wat nodig is, is het volledig stilleggen van de economie, een uitgebreide algemene staking.

De arbeiders hebben de macht om dit te doen. Ze zouden al het spoor- en wegvervoer kunnen blokkeren; ze zouden de poorten kunnen blokkeren; ze kunnen de stroomtoevoer en de distributie van brandstof afsluiten en met dergelijke methoden het leger zelf lamleggen. Zo'n algemene staking zou gepaard moeten gaan met de bezetting van alle werkplekken, scholen en universiteiten, samen met de bezetting van alle bestuurscentra. Als zo'n algemene staking zou worden georganiseerd in alle uithoeken van Myanmar, in elke staat, elke stad, elk dorp en met alle werkende mensen, de Bamaren en alle etnische minderheden zouden verenigen, zou het leger niet genoeg troepen hebben om de hele bevolking te onderdrukken.

Om een ​​dergelijke algemene staking succesvol te laten zijn, zouden er ook stakingscomités op elke werkplek moeten worden gekozen en buurtcomités in alle stadswijken en dorpen. Deze instanties kunnen de zaken ter plaatse overnemen. Deze comités zouden op hun beurt coördinatie vereisen in een nationaal comité, dat dan de uitdrukking van de macht van arbeiders en boeren in het land zou worden. Het zou een boodschap naar de massa’s sturen dat er nu een echt revolutionair leiderschap is, gekozen en gecontroleerd door de massa’s zelf.

Dit alles zou echter het duidelijke doel moeten hebben om een ​​massale gewapende volksopstand te organiseren. Daarom is het oprichten een zelfverdedigingsmacht van gewapende arbeiders - een arbeidersmilitie - onder controle van de stakingscomités een dringende taak voor de beweging. Velen, waaronder de burgerlijke liberalen in Myanmar en zelfs de regeringen van de imperialistische landen in het Westen, zeggen dat de acties van de militaire junta crimineel zijn. Als hun acties inderdaad crimineel zijn, dan is het gerechtvaardigd dat de massa’s wapens zoeken om tegen deze criminelen te vechten.

De arbeidersorganisaties in Myanmar zouden een beroep moeten doen op de arbeidersorganisaties in andere landen voor hulp. Niet in de vorm van formele resoluties of in woorden van protest, maar in concrete actie. In combinatie met een algehele algemene staking in Myanmar zou er een internationale arbeidersboycot van het land moeten komen. In ons vorige artikel, hierboven geciteerd, gaven we voorbeelden van arbeidersboycots in het verleden. Zo'n boycotcampagne zou een enorme boost krijgen als de arbeidersorganisaties in Myanmar tot zo'n actie oproepen.

De arbeidersbeweging in andere landen moet zich ook bewust organiseren om geld in te zamelen om de arbeiders en jongeren in Myanmar te helpen de wapens te bekomen die ze nodig hebben om dit wrede regime te bestrijden. We hebben een historisch precedent in Spanje in de jaren dertig van de vorige eeuw. Toen Franco zijn staatsgreep organiseerde, kwamen de arbeiders en boeren in opstand en vochten tegen de fascisten. Arbeiders in heel Europa en daarbuiten kwamen hun Spaanse broeders en zusters te hulp en hielpen hen de wapens te kopen die ze nodig hadden. Het feit dat de Spaanse arbeiders en boeren uiteindelijk ten onder gingen, was te wijten aan het verkeerde beleid en programma van de arbeidersleiders, die net vertrouwden op de burgerlijke liberalen, die een verraderlijke rol speelden. Het belangrijkste punt is echter dat de arbeiders van andere landen er alles aan deden om de revolutie in Spanje te helpen. Dat is wat er vandaag nodig is.

Als er een algehele algemene staking wordt georganiseerd, gecombineerd met een beslissende oproep tot een gewapende opstand, zou dat ook een duidelijk signaal geven aan de gelederen van politie en leger. We hebben politieagenten zien vluchten naar India om niet op hun eigen mensen te hoeven schieten. In plaats van te vluchten zouden ze zich gewapend bij de beweging moeten aansluiten. Zoals het hierboven geciteerde artikel in The Guardian aangeeft:

"Een succesvol gewapend verzet vereist waarschijnlijk afvalligen van leger en politie die hun wapens meebrengen..."

Een duidelijke leiding van de georganiseerde arbeidersklasse zou het potentieel van delen van het leger en de politie om de gelederen te breken en zich tegen hun eigen officieren te keren, kunnen realiseren. Dat zou de balans doen doorslaan in het voordeel van de beweging en het proces van bewapening van de arbeidersklasse beginnen, als enige manier om een ​​einde te maken aan de nachtmerrie waarmee de Birmese massa's vandaag worden geconfronteerd.

  • Voor een totale algemene staking!
  • Voor een verdedigingsmacht van de gewapende arbeiders!
  • Bereid een gewapende volksopstand voor om de junta omver te werpen!

 

 

Deel dit artikel
FaceBook  Twitter